Vandaag brengen we het aantal mede eilandbewoners terug van 150.000 naar zo’n 47 bewoners. We verruilen namelijk het drukke Yumeshima van de World Expo voor Inujima in de Japanse Binnenzee. Het vormt samen met 26 andere eilandjes de Gemeente Naoshima (Naoshima-chō). Naoshima is een stad die bestaat uit het hoofdeiland Naoshima en de daar omringende eilanden…Inujima is er daar eentje van. Vroeger leefde men er van de geelvinmakrelenvangst en het oogsten van zeewier. Begin jaren negentig besloot men een museum op het hoofdeiland te plaatsen: het Benesse House Museum, in de loop der jaren werd de bevolking steeds meer bij allerlei kunstprojecten betrokken. Vandaag de dag zijn er tientallen musea op de eilandengroep te vinden en tref je ook veel kunstwerken in het wild aan. Zo’n zeven jaar geleden verbleven we een aantal dagen op Naoshima en dat smaakte naar meer, en dit jaar was het dus zover. Helaas lukte het niet meer op de twee grootste eilanden (Naoshima en Teshima) een slaapplek te fixen. Op het derde kleinere eilandje - wat ook bij de Benesse kunst stichting hoort - was nog wel een appartementje beschikbaar: op Inujima dus; Dog Island. Een naam die me direct aan Wes Andersons stop motion film Isle of Dogs deed denken. Het is een piepklein eilandje: een oppervlak van een halve vierkante kilometer, 3,6 kilometer in omtrek en er wonen dus 47 mensen.
Vanuit Osaka pakten we de shinkansen naar Okayama, daar stapten we over op een boemeltje wat ons naar Saidaiji bracht en daar kwamen we er achter dat de bus die ons naar de haven zou brengen die dag niet meer reed. Ugh…gelukkig wist Ruth een taxi te bestellen en ook in het Japans uit te leggen waar we naar toe wilden. Twintig minuten later stonden we in het haventje van Hoden, tien minuten later zetten we voet aan wal. Touchdown Inujima!
Ons appartementje lag op zo’n 5 meter van de zee en was enorm ruim voor Japanse begrippen, ik denk wel zo’n 70 vierkante meter. Het huisje was van alle gemakken voorzien: 2 slaapkamers, een huiskamer met tatami-matten, een keukentje, een badkamer, een terras met kleine sauna…en een toilet. Maar die konden in eerste instantie niet vinden, haha. We hadden wat te vroeg ingecheckt, gelukkig kwam er nog een jongen langs om de bedden te verversen en op te maken…aan hem konden we even vragen of er een toilet in het huisje was. Nou, die was er dus: achter een verborgen deurtje in onze slaapkamer lag een gangetje dat naar de achterkant van het huis leidde. Daar achter een klein piepkrak-deurtje was de toilet. We waren opgelucht dat we ‘s nachts niet onze plasjes in de zee hoefden te lozen (en op de terugweg opgevroten te worden door de muggen). We besloten het eiland te gaan verkennen zodat de jongen die de bedden kwam verschonen ongestoord zijn gang kon gaan.
Inujima is fantastisch, letterlijk back to nature. Zo’n beetje alles is overwoekerd door de natuur. We wandelden langs een huisje waarvan het dak bedekt was met klimop. Achter het raam hingen gordijnen in hetzelfde thema, letterlijk hetzelfde thema. Want bij nadere inspectie bleek dat de gordijnen dezelfde klimop was die het dak in zijn greep had.
Elin ontdekte om de haverklap een nieuw dier: reuzesprinkhanen, hagedissen, krabbetjes, een dode neushoornkever en tientallen cicades. Over cicades gesproken, djeez..wat maakten deze jongens een enorme herrie. We zijn wel wat gewend, maar telkens als we een stuk begroeiing passerden konden we elkaar echt niet meer verstaan. Doorgaans ben ik ook gewend dat ze stil in de boom blijven zitten. Of zelfs ophouden met ‘priii-priii-priii-en’ als je in de buurt komt. Maar hier zijn ze absoluut niet schuw, de cicades vliegen je letterlijk om de oren, je voelt het zelfs. Het lijkt alsof er dikke paaseieren met vleugels langsscheren. En het geluid en de luchtverplaatsing (zover je dat kunt voelen) doet denken aan chinook helicopters die overvliegen: whop-whop-whop!
Het had ook wel wat vreemds want onze aankomstdag, de dinsdag was net de dag dat zo’n beetje alles dicht was op Inujima. Op de haven en ons huisje na, hadden we ook nog geen mens gezien. Wel een goed scenario voor een griezelverhaal: toeristen komen aan op totaal door de natuur overwoekerd tropisch eiland, ze komen geen levende ziel tegen, de reusachtige insecten wachten geduldig de zonsondergang af waarna zij zich laven aan het door zweet gezoute vlees van de indringers.
Na een half uurtje bereikten we de andere kant van het eiland. Daar lag een piepklein zandstrandje, stonden een aantal picknick/ barbecue platteau’s en een vendingmachine. Plots kwam er een man op ons af stappen: ‘verblijven jullie op dit eiland?’ ‘Eh ja, we verblijven in het Muji-huis, ken je dat?’ ‘Oh mooi en ja, want de laatste boot is vertrokken en verder is alles gesloten’. De man zelf woonde niet op Inujima maar werkte in de Inujima Life Garden, de botanische tuin van het eiland. We zouden niet de eersten zijn die een nacht vast zouden komen te zitten op het eiland.
Dat was wel een dingetje: de boten van en naar het eiland varen tussen half 11 en kwart voor 4 en er is geen supermarkt op het eiland. Gelukkig heeft de eigenaar van ons appartement daar rekening mee gehouden en een soort van mini-survivalbar aangelegd met éénpersoons-porties rijst, allerlei soorten curries, diepvriessnacks, en verscheidene biertjes. De eerste nacht zouden we in ieder geval niet hongerig naar bed gaan. We waren ons er wel van bewust dat we onze dagen strak moesten plannen wilden we wat leuks kunnen doen op de andere eilanden. Omdat het een half uur varen naar Teshima is en een uur naar Naoshima kunnen we op de eerste vier uur per dag verblijven, op de tweede slechts drie uur. We besloten ook maar meteen een planning te maken en tickets aan te schaffen voor de musea die we wilden bezichtigen. En goddammit!…precies het Teshima Art Museum en het Chichu Art Museum waren gedurende ons verblijf uitverkocht. Vooral die eerste wilden we graag nog eens beleven…maar goed, we moesten vooral zo snel mogelijk boeken wat nog wel beschikbaar was. Dat werd het Benesse House Museum voor de woensdag en voor de donderdag Naoshima New Museum of Art.
De volgende ochtend hadden Ruth en ik beiden ons hoofd al twee keer aan de lamp gestoten en één keer tegen de deurpost. We waren ongelofelijk in onze nopjes met onze eiland residentie maar er was één groot nadeel, of eigenlijk een zesdelig nadeel. Er waren een aantal punten in huis (zoals de entree) waar je ongelofelijk je hoofd kon stoten. En schijnbaar waren wij ‘lange Nederlanders’ niet de enigen want het hele huis hing vol met waarschuwingsbordjes. We doopten onze behuizing daarom al snel om tot de Viervoeters Villa om maar in het Inujima thema te blijven.
Een kleine wijzinging in de plannen voor de woensdag: we besloten toch naar Teshima te gaan vanwege het uurtje tijdswinst. Ook wilden we ter plekke kijken of we niet aan het loket nog tickets konden krijgen voor het Teshima Art Museum, het prachtige schelpvormige museum. Online cancelde ik de tickets die ik voor het andere eiland had gekocht. Met een klein bootje raceten we naar de buren en lunchten we bij een symathiek tentje dat haar eigen groenten verbouwd. We wilden daar graag ontbijten want dat hadden we nog niet gedaan vanwege de lege vooraadkast. Dat ging niet meteen vanzelf want er werd tot elf uur ontbijt geserveerd maar alle ontbijtjes waren op…alleen het was nu pas half elf. Konden we dan al lunch bestellen?…neen! Dus we hebben toen maar een half uurtje met een zo hard mogelijk rammelende maag drankjes gedronken en om elf uur meteen een lunch besteld. Die was overigens wel het wachten waard. De bus naar de andere kant van het eiland liet nog drie kwartier op zich wachten, dus besloten we onze kostbare tijd zo praktisch mogelijk in te delen. Bij het locale buurtsupertje sloegen we rantsoenen in voor de komende dag, daarna pakten we de bus naar het museum. Helaas was het onmogelijk om aan het loket tickets te kopen. Ik zag wel dat op de website van het museum er af en toe tickets vrij kwamen. Wel telkens eentje, die vervolgens meteen weer werd verkocht, maar toch..er was nog hoop. Ik had deze ochtend tenslotte ook mijn museumtickets gecanceld en misschien een ander gezinnetje blij gemaakt. Hoog tijd om weer terug te keren naar ons hondeneiland. Dat verliep allemaal vlekkeloos maar deed ons wel beseffen dat we komende dagen erg strak moesten plannen. Die avond hebben we nog voor de deur genoten van de zonsondergang en de onweersbuien die aan de overkant flink los gingen.
Inmiddels was het woensdagnacht zo hard gaan regenen en vooral waaien dat er de volgende ochtend geen bootverkeer mogelijk was. Dat hield in dat wij die dag het eiland niet konden verlaten maar ook dat er geen bezoekers naar ‘ons’ eiland zouden komen wat waarschijnlijk inhield dat de horeca en het museum niet open zouden gaan… nu voelden we ons echt een beetje verstekelingen. Gelukkig viel het allemaal wel mee. Ik moest wel voor een tweede keer tickets cancelen, maar die schafte ik weer opnieuw aan voor de vrijdag. Ons eten was ook zo’n beetje op maar op Inujima bleef gelukkig alles open deze dag.
Nadat we in de haven ontbeten hadden wandelden we door naar het strandje. Elin en Jip wilden graag met hun voeten het water in; dat was allemaal prima. Het was natuurlijk te verwachten maar in no-time had Elin zich (met kleren aan) al onder gedompeld in de zee.
We hebben de kiddo’s niet ver het water in laten gaan want de bodem ging na twee meter al flink de diepte in, en de zee was best ruig.
We lunchten een uurtje later bij een tentje waarvan we al hoopten dat deze een keer open zou gaan tijdens ons verblijf: Café Stand Kururi (カフェスタンド くるり).
Aangezien het museum op het eiland gewoon open was vandaag besloten we het lnujima Seirensho Art Museum dan ook maar echt te bezoeken.
Vroeger stond Inujima bekend om zijn de productie van hoogwaardig graniet. Dit graniet werd door heel Japan verscheept en gebruikt voor onder andere de bouw van de stenen muren van het kasteel van Osaka. In 1909 werd de koperfabriek van Inujima geopend, deze is zo’n 10 jaar in gebruik geweest. Het gebouwencomplex en de fabriek zelf hebben een tweede leven gekregen als museum. Het gebouw deed me erg denken aan de architectuur uit de games Ico en The Last Guardian, het zou me niks verbazen als de makers hun inspiratie hier vandaan hebben gehaald.
In het museum werden we door een duistere gang geleid, aan het eind van de gang zag je het daglicht. Elke keer als we dichterbij kwamen stuiten we op een enorme spiegel die ons de hoek omleidde. Na een keer of vier afgeslagen te zijn kwamen we bij de laatste spiegel, die omhoog gericht stond. Al die tijd hadden we naar het wolkendek gekeken. Het was een mooie museum-entree; het was vervreemdend en er werd optimaal gebruik gemaakt van de architectuur van de fabriek. Dat gold eigenlijk voor alle installaties in het museum, het was wel jammer dat je binnen niet mocht fotograferen. Nadat we de hele fabriek uitgekamd hadden hebben we nog een flinke wandeling gemaakt over het overwoekerde buitenterein van het museum .
Toen ik de ticketsite weer eens refreshte zag ik tot mijn grote verbazing dat er 4 tickets voor het Teshima Art Museum beschikbaar waren om half één de volgende dag. Die heb ik meteen gekocht, het paste precies onze planning want het was ook de dag waarop we Inujima zouden verlaten. Wel heb ik voor de derde keer (de reeds aangeschafte) tickets moeten cancelen voor het Museum op Naoshima, maar goed, dat cancelen begon een beetje tweede natuur te worden.
Die vrijdag hebben we ‘s ochtendsvroeg onze koffers weer ingepakt, nog één keer ons hoofd gestoten bij de keukeningang en hebben we om half elf de boot gepakt naar Teshima. Daar hebben we in de haven onze koffers gestald, een ontbijtje genuttigd en het Teshima Yokoo House bekeken, wat een klein museumpje was. Vervolgens hebben we de bus naar Teshima Art Museum gepakt.
Het museum is eigenlijk één heel groot kunstobject, het heeft de vorm van een enorme schelp die is ingegraven in het landschap maar de vorm wordt ook wel vergeleken met die van een druppel die net neerkomt op het aardoppervlak. Het object is van beton en heeft de afmetingen van 40 bij 60 bij 4,5 meter en bevat geen dragende delen. Na het kopen van een ticket wandel je eerst via een smal kronkelpaadje om de ‘Matrix’ - zoals het object heet - heen, vervolgens kom je bij de ingang. Nadat je je schoenen hebt uitgedaan stap je de ‘schelp’ binnen. Eenmaal binnen zie je pas hoe enorm groot het object is; door de vloer sijpelt op verschillende plekken onregelmatig een klein stroompje water naar binnen en door de twee gaten in het ‘plafond’ komt een zacht briesje naar binnen. We hadden Jip en Elin al geïnstrueerd dat er geen herrie gemaakt mocht worden en daar hielden ze zich voorbeeldig aan. Het verassingseffect ontbrak bij ons maar het was net zo’n indrukwekkende trip als de vorige keer. Bovendien was het erg leuk om samen met Jip en Elin op te gaan in zo’n bijzonder museum. Na een kwartier of drie maakten we ons op om te vertrekken. We stapten op de boot naar Uno om vanuit daar onze pijlen te richten op Himeji…goodbye zeebenen!








3 opmerkingen:
Prachtige verhalen en belevenissen: dus op naar het volgende avontuur😘
Ik zou die horrorfilm wel willen zien met die hongerige reuze insecten ^_^
Haha, you betcha! 😄
Een reactie posten