woensdag 30 juli 2025

De bovenbuurtjes


Nou stapelbedden dus, houten stapelbedden. Nu ik dit schrijf liggen Jip en Elin boven ons, en Ruth en ik vragen ons af of onze kinderen toch niet stiekem twee houtwormen zijn… want wat maken die twee een herrie op de bovenverdieping. Ik weet niet precies wat ze daar boven doen maar ze woelen, draaien en wiebelen er op los. Het lijkt alsof er zes bamboe hangbruggen boven onze hoofden hangen en er 12 man stilletjes maar onhandig overheen proberen te kruipen. Tot ze echt slapen tik ik rustig deze blogpost af. Vanacht is onze tweede en laatste nacht in de Tokyo Sa Ryokan. Morgen pakken we de shinkansen en racen we in anderhalf uur 350 km landinwaarts naar Nagoya, daar gaan we het Ghibli Park bezoeken.

 

Nu we weer een paar dagen in Japan verblijven valt ons op dat er in eerste instantie niet veel veranderd is sinds ons vorige bezoek. Het verschil tussen pre-corona en post-corona was namelijk behoorlijk groot. Het contactdoos betalen is in veel winkels weer teruggedraaid. Je hoeft je geld niet meer in een afvoerputje te gieten maar kunt het netjes aan de kassièr(e) overhandigen. Het wisselgeld wordt ook niet meer in een stortbak teruggeleverd maar netjes analoog overhandigd. Ook zijn er nieuwe 1.000 yen briefjes in de omloop, nu opgesierd met the Great Wave van Hokusai. 

 

Ik heb de indruk dat de gashoponwinkels die geopende gashaponballetjes verkopen (tegen meerprijs maar zonder verrassingseffect) langzaamaan weer terug komen. Maar dat zullen Jip en ik later in de vakantie gaan onderzoeken. Deze markt was helemaal ineengestort toen de grens van Japan op slot ging tijdens de corona-epidemie, en er geen toerist meer binnenkwam. Dat is nu wel anders. We hadden ons er wel al op voorbereid maar je struikelt over de toeristen dit jaar. Gelukkig hoeven we niet meer zo nodig naar de grootste publiekstrekkers en weten hoe we op eigen houtje op de (door ons) gewenste plekken kunnen (binnen)komen. 

Vandaag zijn we een beetje in de buurt van ons hotel blijven hangen. ‘s Ochtends zijn we richting Tokyo Character Street vertrokken, deze ligt tegen Tokyo Station aan. In deze straat zijn tientallen winkeltjes gevestigd van bekende kawaii-franchises zoals bijvoorbeeld Hello Kitty, Pokemon, Moomin en Sumikkogurashi, voor die laatste lopen Jip en Elin nogal warm. Over warmte gesproken, Japan gaat dit jaar nogal gebukt onder de zinderende hitte die het land teistert. Daarom is onlangs besloten om de Ghibli shop in Character Street voorlopig dicht te gooien om haar eigen medewerkers en klanten te beschermen tegen oververhitting. Zelf hebben we gelukkig nog niet te lijden onder de hoge temperaturen. We proberen ons wel een beetje voor te bereiden wat er komen gaat aangezien we nog afreizen naar Kyoto en de World Expo in Osaka. Twee parasollen, waterflessen en een portable ventilator zitten al standaard in onze rugzak. 
Naast de Ghibli store bevindt zich een winkeltje dat Ghibli gerelateerde producten verkoopt. En daar bovenop het kledingrek stonden twee Totoro skatedecks te pronken. En eentje stond net wat harder te glimmen dan de andere; opgesierd met de illustraties van de openingcredits van Totoro. 

 

Eigenlijk hadden we afgesproken zo min mogelijk te kopen voordat we door Japan zouden gaan reizen om onze bagage zo licht en handzaam mogelijk te houden. Maar een andere regel die we hanteren is: als je iets ziet wat je heel graag wil en kunt kopen dan moet je dat in Japan meteen doen…als je later terug komt is het namelijk gegarandeerd aan iemand anders verkocht. Het zou namelijk niet de eerste keer zijn dat dit ons overkomt. Kortom, de skateplank gaat eerst nog een tour door Japan maken alvorens deze de grote oversteek naar Oranda gaat maken. Ik heb trouwens eerder ooit een (mini)replica van de motor uit Akira over de Kurobe Dam gesleept en ermee de Japanse Alpen doorkruist…een vedergewicht skatedeck zou geen probleem moeten zijn. 


‘s Avonds hebben we met z’n viertjes tempura gegeten, Ruth met een tendon (kommetje rijst), Jip en ik met koude soba noodles, en Elin wat hap- en snapwerk. 
Tja, en toen was het dus houtwormentijd. :/

De volgende ochtend hebben we onszelf bij elkaar geraapt, de koffers volgeschept en zijn we richting Tokyo Station vertrokken. Omdat het erg druk was bij de Shinkansen terminal besloten we de tickets via de Klook-app te bestellen. Een erg handige app als je treintickets maar ook toegangtickets voor parken en musea wil bestellen. Het nadeel is alleen dat als je een foutje maakt (vanwege slaaptekort) het niet zo makkelijk te corrigeren is als bij een loket…in dat geval was het helemaal niet meer te corrigeren. Zo kwamen we er als snel achter dat onze reis naar Nagoya starte in Shinagawa in plaats van Tokyo. Argh…dat was niet waar we nu waren en de shinkansen zou over 35 minuten vertrekken. We zijn meteen op een andere trein gesprongen om op tijd op ons bullettrain startpunt aan te komen. Gelukkig waren we daar binnen 15 minuten, tijd om bento’s te kopen voor de lunch was er helaas niet meer aangezien we ook niet te laat in de rij wilden komen te staan voor de shinkansen. We hadden namelijk non-reserved tickets (die zijn wat goedkoper)..en dan geldt: wie het eerst komt, die het eerst maalt. 
Waar we dan weer geen rekening mee hadden gehouden was dat de treinstellen al waren volgestroomd op het station waar we eigenlijk wilden opstapen. Gelukkig kwamen er voor Elin en Ruth al snel twee plaatsen vrij. Jip en ik moesten anderhalf uur staan. Fuji San liet zich nog wel even zien voordat deze achter een wolk wegdook, dat maakte veel goed. 😉

In Nagoya aangekomen genoten we van een okonomiyaki-lunch en checkten we snel in bij Glocal Nagoya Backpackers Hostel. Een fris sympathiek cafeetje annex hostel waar net bergen apparatuur werd binnen gedragen voor een optreden die avond. Tot onze grote schrik stonden er enkel hoogslapers in onze slaapkamer, noooooo! Gelukkig waren dit geen piep-krakbedden maar hadden ze beddenframes van de robuuste soort. Bovendien stonden er 4 hoogslapers, iedereen zou beneden slapen deze avond…dan zou het vast goedkomen deze keer.


 







maandag 28 juli 2025

スタート!

 
En hop, daar staan we weer met gesmolten slippers in het zomerse Tokyo. Inmiddels hebben we er weer een flinke reis op zitten. Van deur tot deur deden we er zo’n 24 uur over. Het was nog even spannend omdat het er op leek dat we misschien niet mee konden omdat de vlucht overboekt was. Ten tijde van onze eerste Japanreis in 2006 (!) overkwam ons dit ook en toen moesten we noodgedwongen een nachtje bivakkeren in Badhoevedorp. Gelukkig ging die vlieger deze keer niet op. Bij onze overstap in Helsinki was er weer onduidelijkheid over onze zitplaatsen zodat we niet met z’n vieren bij elkaar konden zitten maar twee aan twee… ook nu waren we al lang blij dat we weer mee in het vliegtuig mochten. 😁 
De reis zelf was niet fantastisch: voor ons zat een familie met twee peuters die het om de haverklap op een krijsen zetten. Schuin tegenover me zat iemand sneeuwdocumentaires en sciencefictions te kijken op zijn iPad (echt waar) met de lichtsterkte op 100%…waardoor het leek alsof hij een stroboscoop op schoot had. Ik heb een aantal korte slaapjes gepakt. Het entertainmentsysteem aan boord had een aantal muziekafspeellijsten in hun assortiment; waarvan ik er eentje had opgezet als ruisonderdrukking om te kunnen slapen. Toen ik wakker werd kon ik zo nagaan waar ik in slaap was gekukeld: zo stapte ik uit bij David Bowie (Golden Years) en stapte ik weer in bij Journey (Don’t stop believin’)… dat was zo’n zes gemiste nummers = 25 minuten slaap. Alles bij elkaar heb ik zo’n twee en half uur slaap mee gepikt denk ik, genoeg om me niet uber beroerd te voelen. Ruth en Jip kwamen ongeveer op hetzelfde uit, Elin zat daar gelukkig riant boven. 

 
Eenmaal aangekomen in Japan zijn we met de pendelbus naar het Narita Tobu Hotel gereden om onze roes uit te slapen. Om onze aankomst te vieren hebben we bij de konbini (die in het hotel gevestigd is) onigiri’s (rijst driehoekjes), fanta meron (japanse meloen), salades en misosoep gekocht. Daarna namen we als klap op de vuurpijl nog een duik in het zwembad van het hotel. Ondanks dat we (zoals gebruikelijk) allemaal badmutsjes op moesten - ze zitten zo krap om je hoofd dat mijn breincapaciteit zeker met de helft slinkt bij het dragen ervan - was de pret enorm. Elin heeft namelijk een week geleden haar A diploma gehaald en gaf even een spetterende demonstratie van haar nieuwe skills-set.
 

 De eerste jetlag nacht was wat rommelig maar verliep geheel anders dan verwacht. Doorgaans zijn we na onze eerste nacht in Japan ultravroeg wakker, vandaar dat de wekker maar niet hebben gezet. Drie keer raden, ja hoor…10 voor half 11 worden we wakker, buffet gemist waar we ons zo op hebben lopen verkneukelen…moppermopper. Maar goed, niks aan te doen: binnen een half uur onze koffers weer gepakt om op tijd uit te checken en de pendelbus terug te pakken naar Narita airport. Daar aangekomen zijn we in de Skyliner richting Tokyo gesrongen…nu kan de vakantie echt beginnen!
 
 
We verblijven de eerste twee nachten in Tokyo in Tokyo Sa Ryokan vlakbij Asakusa: een sympathiek hotelletje met op onze kamer: stapelbedden (Elins favorite!). Daarna verlaten we Tokyo om door te reizen naar Nagoya voor het Ghibli Park (nu het gehele park), Kyoto, Osaka voor de World Expo en verblijven we nog een paar nachten op Inujima (Dog Island) om vervolgens 10 augustus weer terug te reizen naar Tokyo. 

Het hotel waar we nu zijn ligt vlakbij de Skytree en Elin wil dolgraag nog een keer naar boven. ..zo gezegd, zo gedaan. Ondanks dat het stralend weer is was Fuji San niet te zien, dat komt vast later nog, we hebben nog kansen genoeg. De jetlag speelt bij Elin en Jip nog wel wat op…daarom besluiten we ‘s avonds te gaan eten bij een all-you-can eat buffet…hebben we het gemiste ochtendbuffet toch nog een beetje goed gemaakt. 😉