maandag 29 december 2014
Oase
De zondag voor kerst besloten we eens te beginnen met een frisse wandeling door Yoyogi-kōen. Dit park ligt naast Harajuku en is een van de grootste van Tokyo. Bovendien ligt de Meiji Shrine in het park en met een beetje geluk vindt er een trouwceremonie plaats. Jip was de hele ochtend al aan het dollen geweest en viel bij aankomst in Yoyogi-kōen accuut in slaap in het wandelwagentje. Van de drie (!) prachtige trouwpartijen heeft hij dus helemaal niks meegekregen. Vervolgens zijn we Harajuku ingetrokken om te lunchen (vaste stek: gyoza) en wat te winkelen. Dat laatste was niet een heel ijzersterk idee want het was natuurlijk bizar druk in de stad….er was maar net genoeg zuurstof voor iedereen.
Om er toch nog een relaxed middagje van te maken zijn we naar het dakterras van de Tokyu plaza geklommen. Dit complex bestaat uit een bonte verzameling hippe kledingwinkels en ligt in het hart van Harajuku. Het dakterras heet Omohara no Mori (het Omohara bos) en is ook werkelijk een groene oase in de betonnen wildernis.
De dagen erna hebben we allerlei verschillende tripjes ondernomen. We zijn onder andere twee keer naar Inokashira park geweest, mede omdat er een dierentuin aan het park grenst.
We vinden dit park vooral zo leuk omdat er door de Japanners echt van alles gedaan wordt aan vrije tijdsbesteding. Zo zagen we mensen aquarelleren, badmintonnen, joggen, ontbijten, eigen composities spelen op een elektrisch orgel, een poppenkastvoorstelling houden voor een kudde vrolijke kinderen en we zagen twee gaijin die de as van hun kinderwagen braken….dat waren wij dus.
We zijn snel de Yuzawaya (een mega hobbywinkel) ingedoken om een rol gaffer tape te kopen.
Vijftien minuten later - en één wieltje minder - reden we de dierentuin binnen.
In de dierentuin vond Jip de Chinese witte eendjes het leukst (die lijken zo lekker op de eendjes in het Flevopark) en het Shinkansen-treintje in het attractiehoekje van het park.
De trein is trouwens een belangrijk thema deze reis. Ten eerste reizen we natuurlijk veel met de trein omdat Tokyo zo groot is (en dit spoornet wèl functioneert). Maar ten tweede zijn we in een aantal winkels Brio demonstratietafels tegengekomen met daarop complete treinensets gemonteerd….ware kinderfuiken zijn het….Jip is er hélemaal weg van.
Natuurlijk laten we hem er elke keer een tijdje mee spelen, maar er komt elke keer een moment dat we weer verder moeten…een ware tranenbreuk tot gevolg.
Daarom hebben we besloten Jip een kleine basisset voor de Kerst te geven (Brio bedankt!). De grap is nu dat we als we op stap gaan altijd het treintje en drie baanstukken meenemen. Zo is meneertje treinen aan het manoeuvreren in het restaurant, in de trein, voor het slapen gaan etc.etc.
Nu we dit jaar met Jip in Tokyo zijn ziet onze vakantie er wel wat anders uit dan de voorgaande jaren. Zo zijn we elke avond weer vrij vroeg thuis om Jippie te bed te laten. Van de andere kant kunnen we nu met z’n drietjes ongegeneerd elke speeltuin induiken die we willen. In Japan zijn prachtige speeltuinen te vinden. Zo heb je natuurlijk de octoslides; betonnen glijbanen in de vorm van een octopus (https://www.flickr.com/photos/pijn/4864849478/sizes/l). Het robot park hebben we vorige week bezocht en op eerste kerstdag zijn we naar het Shinjuku Central Park gegaan. Daar is namelijk een vinvis in de zandbak gestrand. Dikke pret gegarandeerd!
dinsdag 23 december 2014
森 double bill
Op de woensdag dat 'pijn op stap was zijn Jip en ik de buurt eens gaan verkennen. We zijn naar het dichtstbijzijnde treinstation gewandeld, Egota station. Daar bleken een hoop kleine restaurantjes te zitten die ons gelegenheid geven ook 's avonds eens met Jip uit eten te gaan. Dat hebben we die avond prompt gedaan: we zijn gaan eten bij een piepklein filiaal van Coco Ichibanya (curry). Jip gedroeg zich alsof hij dagelijks uit eten ging en werd pas goed enthousiast toen we een salade met mais bestelden. Tot zijn grote geluk zat er ook nog een bakje mais bij zijn kindermenu.
Donderdag leek ons een goede dag voor Shinjuku Gyoen, een van onze favoriete parken in Tokyo (en bovendien ook een van de grootste). Er zijn daar verschillende typen tuinen en uitgestrekte picknickvelden, met gras dat in deze tijd van het jaar de kleur van woestijnzand gekregen heeft. Jip leidde dartelend de weg en 'pijn en ik kwamen dankzij de nog altijd roodgekleurde esdoorns in onze vertrouwde fotocompetitie terecht. ;) Met name de Japanse tuin is zelfs in deze tijd van het jaar, waarin de herfstkleuren hun hoogtepunt al beleefd hebben, adembenemend mooi. De foto's doen het eigenlijk geen recht. Maar ja. :)
Vrijdag was het tijd voor een rondje Roppongi, waar 'pijn een speeltuin met robotthema had gelokaliseerd! Dat mochten we niet missen natuurlijk.
We hadden 'm snel gevonden maar helaas hadden we de pech dat het park uitgerekend nu verbouwd wordt. Hoewel, pech: het gedeelte met de bont gekleurde glijbanen was nog open en Jip kon lekker naar de graafmachines kijken. En ons vertellen dat dat graafmachines waren, niet te vergeten. Iedere 5 minuten. :)
De glijbanen bleken achteraf voor kinderen tussen de 6 en 12 jaar te zijn, maar Jip vond ze fantastisch. De foto's van 'pijn spreken boekdelen!
Er miste slechts één ding: zo'n handig vakje waar je statische electriciteit mee kan voorkomen. Die dingen zie je hier overal, behalve in een speeltuin waar Jipjes bij het omlaag glijden flink worden opgeladen zodat de mama of papa die 'm onderaan opvangt een oplawaai krijgt. 'Bzzzzzzt.' Met punkkapsels verlieten we de speeltuin om op een pleintje in de zon een onigiri te eten.
Rond lunchtijd wandelden we door de shopping mall van Roppongi Hills. Toen Jip moe begon te worden kreeg 'pijn een geniale ingeving: we leggen hem te slapen in de buggy en duiken het Mori museum in om in alle rust de Tim Burton tentoonstelling te bekijken! Aldus geschiedde en Jip heeft dus niets meegekregen van de schetsen op servetjes, Beetlejuice tekeningen, Willy Wonka chocoladerepen, Oogie Boogie modellen en vele andere props. Reizen met een peuter is een vaardigheid waar we steeds beter in beginnen te worden!
Over de titel: 森 (spreek uit 'mori') betekent 'bos'.
zaterdag 20 december 2014
Picknicken, tonijn en fast-steaks
Toen Ruth een dagje op eigen houtje door Tokyo struinde, ben ik met Jip de buurt eens gaan verkennen. Het park - wat op steenworp afstand van ons appartement ligt -
leek me een ideale plek om de dag me te beginnen: een groot herfstkleurig park, met daaraan grenzend een ruime speelplaats omgeven door een meterslange bamboefamilie. Daarnaast ligt weer een plein waar hangbejaarden voornamelijk hun spelletje jeux de boules spelen. En daar weer naast staat vervolgens weer een pitoresk tempeltje, het park word afgebakend met een stuk grond waar met zwaar industrieel materieel een nieuw bouwproject uit de grond wordt getrimd.
En juist bij die bouwput was Jip niet meer weg te slaan. Na een minuut of tien had ik het wel gezien en ben met Jip naar het hoger gelegen park geklommen….een prima plek om te lunchen.
Het was wel een surrealistisch momentje daar bovenop de heuvel: Twee gaijin die mandarijntjes aan het eten waren in een park dat door het strijklicht en herfstbladeren goudgeel en lentegroen kleurde. Ergens was iemand het thema van Star Wars aan het spelen op zijn trompet (geen idee waar het vandaan kwam) en er wandelden een tiental aan omaatjes door het park die stuk voor stuk Jip een handje wilden geven (Jip is een granny-magnet). Met net een iets te harde ‘high-five’ beantwoorde Jip telkens de toenaderingen van de oudjes.
Toen alle mandarijnen waren verorberd sleepte Jip me weer naar de bouwput. Ik vond het wat te gevaarlijk om hem aan de kant van de weg te laten toekijken, vandaar dat ik hem aan de rand van het park op een heuveltje heb gezet waar hij een goed overzicht had op het terrein. Daar heeft meneer nog een minuut of 15 als een dirigent naar alle graafmachines en kiepwagens staan gebaren. Toen de werklui gingen lunchen zag ik daarin een mooie gelegenheid om Jip weer naar ‘huis’ te lokken.
’s Avonds had Ruth eten meegenomen van haar mono-stadstrip. Omdat we geen tafel (!) in ons appartement hebben picknicken we in ons stulpje. En omdat Jip - als het op rijst eten aankomt - een ware sprinkler-machine is hebben we inmiddels ook een speciaal picknickkleed aangeschaft…hartstikke gezellig, we missen alleen nog de cicades. :)
Afgelopen dinsdag hadden we voor het eerst Hollands weer in Tokyo: regen, regen, regen. Een goede reden om eens het aquarium in te ‘duiken’. We hebben die ochtend de trein naar Tokyo Sea Life Park gepakt: het aquarium met de reusachtige donutvormige tank waarin tonijnen hun baantjes trekken.
Jip is in Artis altijd énorm enthousiast als hij de vissen in het aquarium ziet, maar toen hij het enorme aquarium met de tonijnen zag sloeg hij helemaal op tilt. Woest met zijn armpjes wapperend liep hij van links naar rechts en om de haverklap trok hij ons mee om alle vissen aan te wijzen en te benoemen (‘fisj, fisj fisj!). Na een uurtje had Jip al zijn reserves opgebrand en konden we hem - met behulp van de new-wave aquariummuziek - in de kinderwagen in de snoozemodus krijgen. Wij hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om te lunchen in het Sea Life restaurant en zijn later die middag met z’n allen naar Odaiba gereden om daar nog wat overdekt te shoppen.
Woensdag was ik aan de beurt om er op eigen houtje even tussenuit te piepen. Ik besloot om naar Ueno te rijden en mijn dag te starten bij speelgoed/hobbywinkel Yamashiroya, door ons omgedoopt tot Kinder_Ueno. Daar trof ik twee designer toys aan die ik al langer op mijn lijstje had staan: een Kiss-versie (I was made for lovin' you) van Hello Kitty en een uitgave van Kaiju Negora - een kruising tussen een kat (neko) en Godzilla (gojira). Hop, snel door naar de volgende wijk: Akihabara (Akiba). Het was heerlijk om even een dagje mijn eigen tempo te bepalen en mee te waaien met het spoornet van Tokyo. Ik stapte één keer in een verkeerde trein maar haalde die achterstand in no-time weer in aangezien al het openbaar vervoer in Tokyo zo naadloos op elkaar aansluit.
In Akiba ben ik eerst maar eens naar Yodobashi Camera gegaan, daar kon ik nog even een memorycard aanschaffen voor mijn Playstation Vita (zeker de helft goedkoper dan in Nederland) en een computermuis voor mijn laptop (ik moet nog steeds een kerstkaart maken). Ik besloot ook maar meteen om hier even te lunchen, en wel op de horecaverdieping bij Pepper Lunch (fast-steak). Daar hebben we samen wel eens vaker gegeten: prima eten en snelle bediening. Zonder echt goed op te letten stapte ik de zaak binnen en werd meteen naar een tafeltje geleid. Pas toen viel me op dat de zaak compleet verbouwd was en absoluut niet meer op de oude Pepper Lunch leek: het restaurant had geen brave kantine-achtige uitstraling meer maar was verbouwd tot een Amerikaanse route 66 achtige diner. Dat is op zich natuurlijk niet zo bijzonder als het restaurant ook niet een soort maid café geworden was; dat wilde in dit geval zeggen dat ik dus bediend werd door dames in ultra-ùltrakorte rokjes. Ga ik ook eens alleen op pad…..gewoon braaf mijn burger opgegeten trouwens. ;)
Eenmaal weer buiten kwam ik er achter wat het is om anderhalf jaar niet meer in Tokyo geweest te zijn: de helft van mijn favoriete winkeladresjes was verhuisd of was opgedoekt. Dan ken je de buurt wel op je duimpje maar dan heb je er geen ene f*ck aan. Het is grappig om te zien wat voor trends er hier komen en gaan. Nu we er even uit zijn geweest is me duidelijk dat ik nèrgens meer beschermhoesjes (vaak bedrukt met leuke illustraties) voor mijn telefoon kan vinden: ik ben een fossiel met mijn iPhone 4s, het is minimaal modelletje 5 wat de klok slaat. Hetzelfde geld voor accessoires voor mijn portable Nintendo (3ds), niks meer voor te vinden. Had ik maar tijdig (een half jaartje geleden) over moeten stappen naar een 3ds XL….ach ja, een luxeprobleempje.
Via Robot Robot, One-Up, Mandarake en Nakano Broadway heb ik de weg weer terug gevonden naar Shin-egota. Met z’n drieën zijn we die avond gezellig gaan eten bij CoCo’s Karē.
woensdag 17 december 2014
Peuterkortsluiting in het Ghibli Museum

Met nog wat restjes jetlag in onze benen (niet in de laatste plaats omdat Jip om 23.00 besloot om wakker te worden en liedjes te gaan zingen) gingen we zondag op pad naar het Inokashira park tussen Mitaka en Kichijoji, waar het Ghibli museum gevestigd is. Er stond prachtig zonnetje aan de hemel dus perfect om in parkjes rond te hangen. Tijdens de rit met het Ghibli busje naar het park begon Jip al over eten dus besloten we eerst te gaan lunchen op een bankje. Daar besloot Jip dat hij geen brood meer lustte en at in plaats van de voor hem aangeschafte sandwiches de sushilunch van 'pijn... In ieder geval kan je niet beweren dat hij zich niet aan de omgeving aanpast.
We ontdekten al gauw een perfect peuterspeeltuintje waar Jip even flink los is gegaan. Daarna heeft Jip een uurtje geslapen in de draagdoek en wij hebben ondertussen rondgewandeld.

Natuurlijk waren we hier al veel vaker geweest maar nooit hebben we geweten hoe uitgestrekt dit park wel niet is en hoe buitengewoon mooi in dit seizoen. Nog steeds zijn overal prachtige herfstkleuren te zien; met name de Japanse esdoorns zijn fantastisch. Ik kan er momenteel onderdoor lopen zonder op te vallen. ;)
Toen was het tijd om te zien waar Totoro woont. Beneden in het Ghibli museum is een vaste expositieruimte waar wordt uitgelegd hoe animatie werkt en het absolute pronkstuk is de Totoro-carrousel die zodanig belicht wordt dat het lijkt alsof er echte totoro's op en neer springen. Jip was daar niet meer weg te slaan. Wat ons ruimte bood om om de beurt even de museumshop uit te checken.
De volgende stop was de indoor kattenbus-speeltuin waar kindjes met dustbunnies kunnen gooien. Blijkbaar had dit zoveel aantrekkingskracht dat Jip er direct in wilde en niet rustig meer in de rij kon wachten. Met veel moeite hebben we hem kunnen bedaren en de dames die de boel begeleidden waren zo lief hem voorrang te geven. Waarna hij weer verlegen werd en ons niet meer durfde te verlaten... haha. Toen hij eindelijk begon met spelen was de tijd al bijna weer om en moest hij er weer uit, wat wederom een huilbui opleverde. It's not easy, being green! :)
Het hoogtepunt was misschien wel de korte film in het Ghibli bioscoopje. Tijdens het wachten op het openen van de zaal trok Jip de aandacht van een obaachan (omaatje) die niet meer op wilde houden met Jip te spelen. Wat ervoor zorgde dat de overige wachtenden al 'kawaii!' roepend een leuk schouwspel hadden om naar te kijken.
De film ging over een heksje die een enorme omelet ging maken. Één ei kreeg ze niet open want dat bleek een eiermeisje te zijn. Die moest vervolgens iedere dag voor de heks aan het werk. Bij het deeg kneden maakte ze op een dag een mannetje die een appel als neus kreeg. Dus wat riep Jip door de zaal? :)
Alles liep goed af want het eiermeisje en het deegmannetje ontsnapten. De deegman veranderde in een broodman en het eiermeisje bleek een prinses te zijn. :D
Zodra de film was afgelopen en het publiek in stilte naar een zwart scherm keek, zei Jip: 'Uit.'
Maandag ben ik er in mijn eentje op uit getrokken om even in alle rust van het Japanse te kunnen genieten. We hadden al van tevoren afgesproken om onze aparte Jipdagen een beetje in stand te houden om zodoende het mentale evenwicht een beetje te bewaren en dingen te kunnen doen die met Jip erbij niet/nauwelijks mogelijk zijn. Één voordeel ten opzichte van onze voorgaande vakanties: we staan dagelijks om 7 uur op, precies het moment waarop het in de Japanse winter licht wordt en de zon gaat schijnen. Zodoende kon ik mijn dagje alleen beginnen met een wandeling in Yoyogi park, in het zonnetje.
En nu, in de winter, begrijp ik eindelijk waarom de verwarmde wc-brillen hier zo populair zijn. In ons appartement is er maar in één kamer verwarming aanwezig (de slaapkamer - hoe handig weer) en zodoende valt op dat wanneer je iets uit de koelkast haalt, de temperatuur in de koelkast niet afwijkt van de temperatuur in de keuken. (O_o)
De badkamer is bovendien nog net een graadje kouder. Kortom: we hebben sloffen en andere hulp nodig om 's avonds niet thuis dood te vriezen! ;)
En dus ging ik maandag op pad naar Uniqlo. Bij het zien van het assortiment had ik direct spijt dat ik überhaupt kleding mee had genomen van thuis. Met een berg warme spullen die thuis ook zeer van pas komen verliet ik de winkel, maar de tas was zo zwaar dat ik, op deze eerste shopdag, nodig mijn zenuwen moest bedaren. ;) Zo belandde ik in het Muji café in Shibuya met een smakelijke curry met bruine rijst en een fijne salade voor mijn neus, waarvan ik at onder het genot van allerlei fluitmuziekjes waar de soundtrack van 'The Hobbit' nog een puntje aan kan zuigen. Op zich wel een fijne afwisseling met de easy tune kerstmuzak waar je hier niet aan ontkomt, goed voor plastic gezelligheid die je verzekert dat je ver weg bent van huis. Perfect.
zaterdag 13 december 2014
Met z'n drietjes...
Dit jaar hebben we besloten we om met z’n drieën in 'één teug’ naar Tokyo te vliegen; om ook nog een paar uur kwijt zijn met een overstap vonden we - met zo’n klein smurfje op stap -wat te veel van het goede. Het was ook nog eens ongelofelijk fijn dat de KLM - waarmee we vlogen - ons zitplaatsen met extra beenruimte aanbood. Omdat er genoeg vrije zitplaatsen waren kreeg Jip ook nog eens zijn eigen stoel. Meneertje heeft prima geslapen en braaf zijn boekenlijst afgewerkt. Aangezien we ’s middags om half drie vertrokken en om één uur middernacht Nederlandse tijd aankwamen wilde het met onze slaapjes tijdens de vlucht dan weer helemaal niet lukken….ach ja….een dagje zombiewalk dan maar.
Jip heeft bij aankomst alle vliegtuigen langdurig uitgezwaaid.
Toen we ons als allerlaatsten richting de Japanse douane begaven werd Jip zelf ook nog even door de voltallige twintigkoppige Flying Blue bemanning uitgezwaaid.
Op Narita hebben we vervolgens de N’EX richting Shinjuku gepakt om de sleutel van ons appartement bij het kantoor van Sakurahouse op te halen.
Het is heel raar om in de winter in Japan aan te komen, we kennen Tokyo natuurlijk alleen van haar broeierige zomers, maar echt koud is het nu niet. Overdag kan je prima met een
een dikke trui naar buiten, een winterjas is overbodig. Verder zijn de luchten staalblauw en schijnt de zon volop.
Eenmaal bij Sakurahouse aangekomen heette Steve ons welkom en stelde voor om even alle formaliteiten af te handelen. Er wordt wel eens gesteld dat bureaucratie de Japanners in het bloed zit maar ik kan jullie vertellen dat dat niet het geval is, het zit in het water….. want, man, man, man…..wat duurde dat làààààng. Als je denkt dat Apple een flinke algemene voorwaardenlijst heeft; check eens in bij de jongens van Sakurahouse. Ik heb geloof ik nog nooit zoveel handtekeningen gezet in een uur. We hebben bij deze onder andere beloofd: geen spijkers in de muur te slaan, illegaal films te downloaden (met de inbelverbinding), wel braaf afval te scheiden, geen ruzie te maken met de buren (maar ze wel te verklikken als ze stiekem een sigaretje opsteken) etc. etc. Ruth is ondertussen nog een Jip gaan verschonen in een nabijgelegen restaurantje terwijl ik wachtte totdat Steve onze plattegrond weer had teruggevonden en het pak voorwaarden had gekopieerd. Wat ook wel grappig is, is dat Japan van de ene kant ongelofelijk hightech is maar van de andere kant ongelofelijk ouderwets. Àlle kantoren die wij van binnen gezien hebben, hadden een heuse eighties vibe: nicotinegele systeemplafonds, veel post it’s en verkleurde kopieerapparaten. Zo ook het kantoor van Sakurahouse, het kopiëren van de voorwaarden ging dan ook velletje voor velletje. :) Anderhalf uur later stonden we weer buiten….op naar ons vakantiehonk.
Ons appartement ligt in Shin-egota (vlakbij Nakano) en konden we vrij makkelijk vinden; we hadden via google streetview al een rondje door de wijk gelopen namelijk. ;)
Het appartementje was iets kleiner dan dat we verwachtten, zoals Nederlandse makelaars soms extra klein meubilair op de foto zetten om het appartement wat groter te laten lijken, was ons vakantienest uitgerust met piepkleine deurtjes. Maar goed, dat mag de pret niet drukken, alles wat we kunnen wensen is aanwezig: twee kamers met tatamivloer, genoeg opbergruimte, airco, internet, een prima chibi-keukentje en een bad. Dat bad verdient nog wel een extra vermelding. Toen ik de badkamer binnenstapte dacht ik dat één van de ghostbusters zijn proton-pack had laten staan maar het was de ‘hot water supply machine’. We hebben de waterstralen maar niet gekruist, je weet maar nooit.
We zijn er die avond vrij vroeg ingedoken want de jetlag hakte er behoorlijk in (en de slapeloze nacht van de nacht ervoor hakte gezellig mee)……zoals gewoonlijk werden we allebei om elf uur ’s avonds weer wakker. Jipje niet….die heeft zich in één keer goed aangepast en werd de volgende ochtend braaf om acht uur wakker.
woensdag 10 december 2014
Laatste etappe 2012
De twee-en-halve week in Otsuka zijn in no-time voorbij gevlogen. En zo brak al snel de ochtend aan waarop we weer naar Bobby en Nancy zouden vertrekken.
Maar eerst moest ons appartementje nog even gecheckt worden door een Tokyo-Stay –controleur alvorens wij onze borg terug zouden krijgen.
Aangezien we ons voorbeeldig hebben gedragen op het stukje Tokyo dat de afgelopen weken van ons was geweest zat het wel snor met de borg.
Naast de borg kregen we ook nog eens 30 euro terug vanwege het internetloze survivalweekje, al met al….Tokyo-Stay kunnen we iedereen aanraden.
Eenmaal weer in Tama zijn we met Bobby naar het Edo-Tokyo Open-air Architectural Museum geweest.
In dit openluchtmuseum zijn een twintigtal authentieke Japanse gebouwen van binnen en buiten te bezichtigen.
Omdat de scholen inmiddels weer waren begonnen was het eigenlijk vrij rustig in het park en hadden de museummedewerkers extra veel tijd voor ons.
We werden al snel uitgenodigd om in een middeleeuwse boerderij een pitstop te houden.
Onder genot van een fris kopje thee werden we uitgehoord over het aantal Japanse gerechten dat we al gegeten hadden: karē: check! Okonomiyaki: check! shabu shabu: check! Natto: hmmmm-not-so-much check.
Natuurlijk kwamen ook alle Hollandse paradepaardjes aan bod: tulpen, de Keukenhof, Miffy-chan, windmolens (Don Quichotte), tulpen, Anton Geesink, Van Gogh en nog eens tulpen…..gesprekstof genoeg dus.
Vlakbij het openluchtmuseum is ook de Ghibli-studio gevestigd, verscheidene tekenaars (waaronder Hayao Miyazaki) hebben in het park inspiratie opgedaan voor Spirited Away.
Zo liepen we door de winkelstraat uit het begin van de film, stapten we in het kleine gele trammetje en namen we een ‘duik’ in het fantastische badhuis waar Miyazaki een deel van zijn film op baseerde.
Na een stevige computer-sushi-lunch reisden we door naar het Setagaya Literary Museum. Op het station van Shibuya had ik een week eerder bij een overstap een poster van deze tentoonstelling gefotografeerd. Ik had geen idee waar de tentoonstelling over ging maar het affiche was overduidelijk getekend door Hayao Miyazaki. Door de foto in Photoshop te bewerken en een mooi passend rechthoekig formaat te geven kon ik via de ‘reverse-image-search’ van Google achterhalen waar deze tentoonstelling te zien was.
In het Setagaya Literary Museum dus
Maar eerst moest ons appartementje nog even gecheckt worden door een Tokyo-Stay –controleur alvorens wij onze borg terug zouden krijgen.
Aangezien we ons voorbeeldig hebben gedragen op het stukje Tokyo dat de afgelopen weken van ons was geweest zat het wel snor met de borg.
Naast de borg kregen we ook nog eens 30 euro terug vanwege het internetloze survivalweekje, al met al….Tokyo-Stay kunnen we iedereen aanraden.
Eenmaal weer in Tama zijn we met Bobby naar het Edo-Tokyo Open-air Architectural Museum geweest.
In dit openluchtmuseum zijn een twintigtal authentieke Japanse gebouwen van binnen en buiten te bezichtigen.
Omdat de scholen inmiddels weer waren begonnen was het eigenlijk vrij rustig in het park en hadden de museummedewerkers extra veel tijd voor ons.
We werden al snel uitgenodigd om in een middeleeuwse boerderij een pitstop te houden.
Onder genot van een fris kopje thee werden we uitgehoord over het aantal Japanse gerechten dat we al gegeten hadden: karē: check! Okonomiyaki: check! shabu shabu: check! Natto: hmmmm-not-so-much check.
Natuurlijk kwamen ook alle Hollandse paradepaardjes aan bod: tulpen, de Keukenhof, Miffy-chan, windmolens (Don Quichotte), tulpen, Anton Geesink, Van Gogh en nog eens tulpen…..gesprekstof genoeg dus.
Vlakbij het openluchtmuseum is ook de Ghibli-studio gevestigd, verscheidene tekenaars (waaronder Hayao Miyazaki) hebben in het park inspiratie opgedaan voor Spirited Away.
Zo liepen we door de winkelstraat uit het begin van de film, stapten we in het kleine gele trammetje en namen we een ‘duik’ in het fantastische badhuis waar Miyazaki een deel van zijn film op baseerde.
Na een stevige computer-sushi-lunch reisden we door naar het Setagaya Literary Museum. Op het station van Shibuya had ik een week eerder bij een overstap een poster van deze tentoonstelling gefotografeerd. Ik had geen idee waar de tentoonstelling over ging maar het affiche was overduidelijk getekend door Hayao Miyazaki. Door de foto in Photoshop te bewerken en een mooi passend rechthoekig formaat te geven kon ik via de ‘reverse-image-search’ van Google achterhalen waar deze tentoonstelling te zien was.
In het Setagaya Literary Museum dus
Abonneren op:
Posts (Atom)











