vrijdag 13 augustus 2010

Strand ahoy!

real deal
(*klik* voor de grotere versie)

Afgelopen maandag zijn we met de trein naar het zuiden afgezakt naar het plaatsje Itō wat op het schiereiland Izu ligt. Daar hebben voor twee nachten een kamer geboekt in K's House; een 100 jaar oude Ryokan die tot het Japanse cultureel erfgoed wordt gerekend. Het is dan ook een indrukwekkend gebouw: een doolhof van gangen en kamertjes, 3 onsen, één gigantische tatami-room, een touwladder als nooduitgang en liggend aan een rivier die in open verbinding staat met de zee.

De combinatie van de architectuur en de sfeer in het gebouw deed Ruth erg aan het spel Mini-Ninjas denken.
Precies voor het hotel houdt zich regelmatig een bontgekleurde verzameling hanggroep-Koi-karpers op, waarschijnlijk vanwege de schaduw van het gebouw.
Onze kamer was traditioneel Japans ingericht: tatamimatten, futons, rijstpapieren schuifdeuren, de hele rambam. Als bonus beschikte onze 'crib' ook nog over een balkonnetje dat uitkeek op de rivier; kortom alleen K's House was al de moeite om naar Itō af te reizen.
Tijd om de buurt te verkennen.
We kwamen er al snel achter dat ons kaartje van Itō niet zo secuur was als we hadden gehoopt: veel kleine straatjes stonden er niet op en de tempels en andere bezienswaardigheden leken wel random ingevuld (want dat was vast beter voor de compositie). Wel kwamen we er achter dat nèt de twee dagen dat wij er waren een matsuri (festival dat oa gedurende de Obon-vakantie gehouden wordt) werd georganiseerd. De eerste dag was de opzet iets kleiner dan die van de daaropvolgende dag, daarom besloten we voor de tweede dag te gaan.

Dag 2 in Itō begonnen we met stralend weer, een fikse wandeling en een nieuwe kaart. Eerst hebben we het strand even besnuffeld, maar daar bleef het ook bij: het was erg druk en bovendien was het een zwart lavastrand, we besloten onze strandlakens in te zetten op Shimoda. Vervolgens vervolgden we onze wandeling via een aantal prachtige tempeltjes en een oeroude monumentale woudreus. Deze boom was al honderden jaren oud en zijn stam was minimaal 5 meter breed, allerlei spanbanden en betonnen steunen dienden als protheses om het hele houtzaakje bij elkaar te houden.
Nadat we bij de Mini-Stop twee afkoel mango-ijsjes hadden gegeten besloten we ons aan te sluiten bij de matsuri-feestelijkheden. Eigenlijk is een matsuri net een soort braderie, maar dan zonder draai-orgel en kleffe hamburgers. Allerlei particulieren verkopen in een vijftigtal kraampjes allerlei leuke snacks en lekkere hapjes. Vooral veel snacks op een stokje: yakitori, gecarameliseerde appels en druiven, komkommertjes, aardappelslingers, inktivisdeegballetjes en noem maar op. Ook zijn er tal van kinderspelletjes te spelen zoals oa het scheppen van visjes uit een flinke teil met water, de gevangen visjes krijg je dan in een plastic zakje met water mee naar huis. Zo zagen we ook dat tientallen visjes al snel hun vrijheid hervonden doordat ze na de vangst vrijwel direct in de achterliggende rivier werden gekieperd.

Toch komen denk ik de meeste mensen op het vuurwerkspektakel af dat om 8 uur begint. Het is dan al pikkedonker en het complete terrein is op dat moment helemaal overspoeld met mensen. Omdat we er al vrij vroeg bij waren hadden we een prima plekje, zo konden we om beurten wat snacks halen en konden we ook nog eens goed zien hoe de sterrenhemel op kleurige wijze in lichterlaaie werd gezet. Na een dik uur vuurbloemen kijken werd iedereen netjes van het terrein geleid en zijn wij ons hotelletje eens gaan opzoeken, we moesten de volgende dag ten slotte alweer vroeg op pad.
Na - vanaf Tokyo - zo'n 150 kilometer afgezakt te zijn kwamen we woensdag rond een uur of 12 aan in Shimoda, waar we een nachtje zouden overnachten in Guesthouse Tabi-Tabi. Dit hostel wordt gerund door Angela en Yasu, beiden zijn surf en snowboardfanaten en combineren deze Shimoda-versie van Tabi-Tabi met een noordelijke versie in de Japanse Alpen: the best of both worlds. We kregen de beschikking over een knal-turquoise tatamiroom en over twee fijne fietsjes. Nadat we bij de FamilyMart nog even snel wat zonnebrand, een onderwaterwegwerpcamera (nee, niet om onderwater weg te werpen) en een strandzeiltje hadden aangeschaft haastten we ons naar het strand.

true blue
Het strand zag er precies zo uit zoals we gehoopt hadden: hagelwitte stranden met wat rotsblokken, een knalblauwe zee en hoge golven met witte schuimkoppen.
Op de vraag hoe ruig de golven zouden zijn kregen we meteen een duidelijk antwoord toen er een surfer met een vers gebroken been van het strand afgevoerd werd....oei!
Ook viel ons meteen op dat het strand in tweeën verdeeld was; één deel voor de surfers en een deel voor de 'zwemmers'.
Deze zwemmers stonden tot hun middel als een hechte groep pinguins op een kluitje in de zee. Toen we ons geïnstalleerd hadden gingen we zelf maar eens even poolshoogte nemen. Want wat bleek nou; een strandwacht/badmeester trok continu een denkbeeldige lijn door het wateroppervlak tot hoever de strandgangers de zee in mochten....en dat was zo ongeveer tot mijn middel diep. Het moet een behoorlijk drukke baan zijn want deze strandwacht ploegt de hele dag het water door van links naar rechts om mensen naar achteren te manen. En aangezien deze golven behoorlijk robuust zijn werden de badgasten continu 3 meter naar voren danwel 3 meter naar achteren geplaatst, een soort éénpersoons strandwachtschaak als het ware. ;)
Aangezien we een enorme pret hadden met de golven was onze wegwerpcamera in 'no time' vol geschoten. En dat de standwachten er niet voor niets waren was ook wel snel duidelijk, de golven moest je namelijk geen moment uit het oog verliezen. Ik keek nog wel eens even op een onbewaakt moment de verkeerde kant op en kreeg dan een metershoge golf tegen mijn hoofd aangekwakt . Zo'n golf voelde daadwerkelijk zo hard als een zak zand en voordat je het wist kwam je vier meter verder weer boven water......maar toch....keileuk!

strandklevertje
Tot laat in de middag hebben we op dit hemelse strandje huisgehouden. Voor het avondeten hebben we er de Tabi-Tabi restaurantjes-tiplijst op nageslagen en zijn we naar South Café gefietst. Onderweg zag ik continu tientallen beestjes de weg overschieten maar omdat het zo donker was kon ik niet zien wat het nou precies waren, het leken i.i.g. op muizen of cavia-achtigen.
Bij nadere inspectie bleken het kleine krabbetjes te zijn die zo hun eigen versie van Frogger speelden, Crabber welteverstaan.
South Café was een waanzinnig leuk tentje waar we een salade, wat French fries en twee Japanse taco's gedeeld hebben. De hele omgeving van Tabi-Tabi heeft een erge prettige laid-back Hawaii-vibe....maar dan op z'n Japans natuurlijk. Aan het plafond van South Café hangen klassieke houten surfboards en er wordt easy Aloha gedraaid. Verder wordt de omgeving gedomineerd door verlaagde pick-up busjes en verdwaalde surfers met een surfplank onder hun arm.
De volgende dag, minder geluk: stromende regen, en niet zo'n klein beetje ook. We hebben nog geprobeerd naar een paar andere strandjes te fietsen maar het was zo heuvelachtig en er reed zoveel zwaar verkeer (+ veel tunnels en geen fietspaden)...en dan ook nog die gezellige hoosbuien dat we hebben besloten om een andere keer nog eens terug te komen en wat meer dagen te boeken zodat we de stranden eens op ons dooie gemak kunnen aanharken.
Vervolgens hebben we de bus naar het station van Shimoda gepakt, zijn daar nog een heel klein beetje nat geregend (we kregen beiden van Angela nog een paraplu mee) en hebben toen de trein naar Tokyo gepakt....naar onze vertrouwde Toyoko-inn-nest.

maandag 9 augustus 2010

Een weekje vanalles... 月曜日から、日曜日まで


Maandag 2 augustus Daikanyama eindelijk eens bekeken, een wijkje tussen Shibuya en Ebisu. Bleek erg leuke plek om foto's te maken, dus we hebben hier een aardig tijdje rondgewandeld.


Ook nog een stukje Ebisu bekeken, waar we in een vaag gebouw ('is het een kantoor? zijn er hier winkels? waar is dan de ingang?') een klein Rody-winkeltje ontdekten!


Toen we terugliepen naar het station moest ik opeens denken aan die mooie octopusvormige kinderglijbaan die we een keer in een (of meerdere) films gezien hebben. Hij komt sowieso voor in de animatiefilm Tekkonkinkreet, en daarvan weten we dat dit gebaseerd is op een echte glijbaan ergens in Tokyo. Ik zei tegen 'pijn dat het wel leuk zou zijn om dat ding een keertje in het echt te zien. En net toen we daarover aan het praten waren zag 'pijn precies deze glijbaan aan de overkant van het water waar we langsliepen! Bizarre dingen gebeuren hier soms.


In de namiddag hebben we Harajuku nog eens doorkruisd in de hoop leuke sneakers te vinden... maar tevergeefs! Of ze hadden geen leuke, of ze waren er niet in de juiste maat. Inmiddels hadden we ook honger gekregen en vonden we het een goed idee om onszelf dan maar te trakteren op erg goede okonomiyaki bij een restaurantje waar we inmiddels ieder jaar terugkomen.

Dinsdag zijn we gaan kijken bij een expositie over de Japanse setdesigner Yohei Taneda in het Museum of Contemporary Art (MOT). Deze man heeft onder andere de Japanse set in Kill Bill ontworpen, naast een heel scala aan andere films. Voor deze gelegenheid heeft hij het huis van Arietty en haar ouders uit de nieuwste Ghibli film Kari Gurashi no Arietty helemaal nagebouwd en in het MOT kan je er doorheen lopen en alles bekijken. Overigens moet je hierbij weten dat het verhaal van Arietty gebaseerd is op 'The Borrowers', over kleine mensjes (niet groter dan 10 cm lang) die onder de vloer wonen in een echt mensenhuis. Al lopend door het huis van Arietty voel je je dus heel klein en helemaal bijzonder is dat je opeens rondloopt in een tekenfilm die je net in de bioscoop gezien hebt! Het huis was dan ook heel erg goed uitgevoerd en erg mooi om te zien.

Omdat 'pijn zich die dag niet helemaal lekker voelde hebben we het verder kalm aan gedaan. Naar Shinjuku vertrokken voor een blik over de stad vanaf de hoogste verdieping van het Metropolitan Government Building. Het was helder en mooi weer (en erg warm voor de verandering) dus hoopten we Mount Fuji te kunnen zien. Daar aangekomen bleken 100 Chinese toeristen op hetzelfde idee gekomen te zijn... zo'n lange rij hebben we daar nog nooit meegemaakt!
Het scheelt dat ze in Azië gewend zijn om zoveel mogelijk mensen in een lift te proppen... daardoor hoefden we niet veel langer dan een kwartier te wachten voordat we boven waren.
Het eerste dat we zagen was een minstens zo lange rij voor de liften terug naar beneden.
Het tweede dat we zagen waren wolken voor mount Fuji.
Na 3 foto's geschoten te hebben besloten we maar weer naar huis te gaan.

Woensdag was een luie dag. Dat heb je soms.
In de namiddag naar Tachikawa vertrokken... daar zou zich een yuzawaya bevinden. Yuzawaya is een warenhuisketen waar ze erg veel bento en stationaryspul verkopen en ons favoriete filiaal in Kichijoji heeft bovendien altijd heeeeel veel Ghibli-dingen. Aangezien die in Kichijoji gesloten is momenteel hadden we een goede reden naar Tachikawa te gaan.


Behalve inderdaad wat winkels was er verder niet zoveel te beleven. Voor de verandering eens een pizza en spaghetti gegeten. Bij dit soort dingen is het altijd leuk te zien dat de Japanners zich meester hebben gemaakt van veel buitenlandse keukens... en vaak weten ze het ook nog naar hun eigen hand te zetten. De pizza was smakelijk en had een bodem die je in Nederland niet vaak treft en verassend dicht bij de Italiaanse komt. De pasta was al dente zoals het hoort, in een goede tomatensaus met stukjes aubergine en bacon (meer een soort ham trouwens). Die laatste combinatie kom je hier in ieder Italiaans getint restaurant tegen.
Ook croissants smaken hier net zo goed als in Frankrijk, soms zelfs nog beter. Eén van onze favoriete starbucks-klonen hier is dan ook de Choco Cro (waar je koffie, thee en andere lekkere drankjes kunt krijgen, én fenomenale chocoladecroissants)!

Donderdag: zonder veel succes in Shinjuku info geprobeerd te krijgen over Izu-Hanto (Izu schiereiland onder Tokyo) voor een paar dagen eruit. Dan maar naar Nakano, nog een keer de Mandarake shops af op zoek naar leuke dingetjes. Zoals: een anatomische Hello Kitty pop.


Gyoza en Miso ramen gegeten in Ogikubu (een naam die we meestal niet in een keer uit onze mond krijgen. In het begin werd het Okikoekiebo waardoor we het nu nooit meer kunnen horen zonder te lachen).


Vrijdag redelijk vroeg op pad naar Ueno. Veel musea daar, waaronder het National Science Museum waar tijdelijk een zeezoogdierententoonstelling te zien is. Heb al eens eerder de levensgrote blauwe vinvis die naast het gebouw staat op de foto gezet.


Binnen hadden ze het skelet van een echt exemplaar. En nog veel meer skeletten, van een orka, verschillende dolfijnensoorten, schedels van een bultrug, grijze walvis, echte walvis, en nog zoveel andere walvisskeletten dat je er achterdochtig van zou worden. Bij het zien van een grote poster met alle soorten erop weergegeven moest ik als eerste aan de vismarkt van Tokyo denken, waar we walvisvlees hebben zien liggen. Maar op de expo allerlei verhaaltjes over bedreigde soorten, dat we zuinig moeten zijn op de planeet etc. etc. etc. Hoewel dat wat hypocriet op me overkwam denk ik toch wel dat het goed is dat dit soort tentoonstellingen er zijn, hopelijk gaan er daardoor uiteindelijk minder Japanners walvis eten. Het schijnen al niet zoveel mensen meer te zijn die het lekker vinden en het is met name de overheid die het promoot. Maar het zou prettiger zijn als het ook minder normaal werd, zodat je ook geen blikjes walvisvlees meer tegen komt in zomaar een warenhuis....


Zaterdag zouden Bobby en Nancy weer thuis komen. Al onze spullen opgeruimd, opgeborgen, ingepakt wat we mee wilden nemen voor een weekje de hort op. We hebben uiteindelijk online geboekt voor 2 dagen in een mooi oud houten hostel in Ito, aan de kust! Daarna nog een overnachting in een ander hostel in Shimoda, waar naar het schijnt een aantal van de mooiste stranden van Japan te vinden zijn, met wit zand en blauwe zee... maar eerst twee dagen Toyoko Inn in Asakusabashi, Tokyo.

Zondag redelijk uitgeslapen en ontbeten bij Doutor ('Toeter' in gekjestaal) met icecaferatte (l of r, één pot nat in Japan) en broodjes. Op het programma: Omiya Bonsai Village!
Eerst het bonsai museum bekeken. Helaas mochten we geen foto's maken - 'Zijn ze bang dat we flitsen? Denken ze dat dat de bonsai schaadt? Stelen we daarmee hun ziel misschien?' - dus moeten we maar in woorden vertellen dat het heel erg indrukwekkend was! De meest prachtige bonsai werden tentoongesteld met uitleg van de stijlen en technieken. Sommige bomen hadden zelfs een naam gekregen. Onnodig te zeggen dat ik nooit eerder zulke mooie bonsai gezien heb. Als ik hier ooit nog eens ga wonen wil ik wel bij zo'n kwekerij werken. :) Een van de dames van het museum vroeg of we niet wilden meedoen met een workshop, maar helaas is deze pas op 22 augustus en dan zitten we op Lowlands grasplantjes te vertrappen...
De bonsai kwekerijen zijn ooit begonnen in de oude binnenstad van Tokyo toen het nog geen Tokyo maar Edo heette. Door de grote aardbeving in 1923 moesten ze noodgedwongen verhuizen naar een andere plek, en dat is Omiya (noord Tokyo) geworden en daar zijn ze gebleven. We hebben nog drie kwekerijen bezocht, ook daar mochten geen foto's gemaakt worden.


In de trein naar Ikebukuro kregen we een kadootje: mount Fuji zichtbaar aan de horizon!
Koreaans gegeten in Sunshine City. Moe naar huis. 's Avonds genoten van de 500 yen videoservice van de Toyoko Inn, onder het genot van een ijsje. En als ik het dan toch weer even over eten heb: je zou hier toch je verjaardag mogen vieren... de meest waanzinnige taartjes zijn hier te koop. Zie foto's op flickr. Wij hebben ons vermaakt met macarons.

donderdag 5 augustus 2010

pretpourri

Nu we al zo'n dikke twee weken Tokyo doorkruisen verbazen we ons toch steeds weer over allerlei typische Japanse eigenaardigheden.
Zo stapten we onlangs bij een Lush-filiaal naar binnen om een opfris-spray te scoren. In Nederland is het al zo dat je bij deze handmade-cosmetica-boer nadrukkelijk begeleid wordt door het winkelpersoneel. We hadden al gedacht dat de personeelsdichtheid bij deze Japanse Lush nog wat hoger zou kunnen liggen....maar zo hoog, nou nee. Ten eerste was het winkeltje best klein en stond er op elke twee vierkante meter een Lush-medewerker, één van hen was ook nog een boomlange travestiet zodat het voltallige personeel eigenlijk meer ruimte innam dan de producten die er te koop waren (en dat is dan echt niet overdreven). Nadat we de spray hadden afgerekend werden we tenslotte door het complete Lush-koor bedankt en uitgezwaaid.

Over afrekenen gesproken, we hadden al vermeld dat de wisselkoers er wat treurig bijhangt dezer dagen, zo treurig zelfs dat onze tweedehands camera's momenteel nog duurder zijn dan toen we ze twee jaar geleden kochten (in hetzelfde filiaal). Wat ons door de zwakke euro vooral opvalt is dat fruit sowieso al erg duur is in Japan. Vanochtend kwamen we in onze plaatselijke FamilyMart een setje mandarijnen tegen voor een luttele 680 Yennemansen, da's zo'n € 1,25 per mandarijn. Maar het kan altijd natuurlijk nog mooier in het land van de rijzende zon: in het chique Ginza zijn we een fruitboutique binnengestapt (klinkt deftiger dan groenteboer) waar je fruitmanden maar ook los fruit kon kopen. Een prachtig verpakte perzik (één stuks!) ging hier voor veertig euro over de toonbank. Een een feestelijke meloen was goed voor 150 euro, deze was dan wel vierkant zodat hij mooier ingepakt kon worden. Omdat de winkel zo'n hoog Gucci-Vuitton-Prada gehalte had durfden we helaas niet zo goed foto's te nemen.

Af en toe duiken we voor de verkoeling ook eens de BIC of Yodabashi Camera in, dit zijn gigantische MediaMarkt-achtige winkels die sowieso alles verkopen wat een stekker heeft. Op de verdieping waar de airco's worden verkocht schalt het oorverdovende geluid van een hondertal krekels en cicades uit de speakers. Het grappige is dat wij (en hoogstwaarschijnlijk alle Japanners met ons) dit geluid associëren met het intreden van de moordende juli-hitte, dan gaan deze (k)rekels namelijk helemaal los. Zo trad er bij ons een soort omgekeerd Pavlov-effect op: 'hey cicades, en ook nog eens binnen!', 'Maar het is helemaal niet warm.'......'Wow, ècht goeie airco's hier.' :)

Michael Jackson is nog wel steeds 'hot' hier trouwens. Je struikelt over de merchandise, vooral de zombie Jackson uit Thriller komen we regelmatig tegen op t-shirts. Verder is de 3d film Captain EO in Tokyo Disney weer in roulatie gegaan. En hebben we ook al een paar keer easy-tune/ liftmuziek-versies van 'beat it' mogen aanhoren.
Wat ook wel leuk was dat we 'onze eigen' Giovanca al eens tussen alle J-Pop op de radio hebben gehoord.

En dan zijn de parkeerkunsten van de Japanners ook nog een speciale vermelding waard. Omdat grond zo prijzig is, zijn de parkeerplekken bij woonhuizen meestal zo klein mogelijk gemaakt. De auto's passen zo precies op de oprit dat ik me afvraag of ze niet toevallig gewoon het huis naast de geparkeerde auto gebouwd hebben. Hier in Tama is er bijvoorbeeld een ommuurde oprit waar er schuimrubberen strips op de muren zijn geplakt om krassen op de carrosserie te voorkomen. Bekijk onderstaande fotocompilatie zou ik zo zeggen.
(*klik* voor de grotere versie)

Tot zoverre dan even de Tokyo-trivia.
Elk jaar nemen we ook contact op met Keiko - de landlady van Bobby en Nancy - om te vertellen dat we er weer zijn, een goede reis hebben gehad en te vertellen dat we voor haar een omiyage hebben meegenomen uit Oranda.
Het is erg grappig om te zien dat we elk jaar iets uitgebreider worden uitgenodigd in het huis van Keiko : de eerste keer kregen we van haar een paar oude reiskoffers die ze wegdeed en kwamen we tot haar voordeur, vorig jaar nodigde ze ons uit om een kopje thee te komen drinken en dit jaar nodigde ze ons uit om bij haar te komen lunchen....en wat voor een lunch.
Twee langwerpige bordjes met zelfgemaakte hapjes stonden voor ons uitgestald, als bonus werden onze glazen volgeschonken met zelfgemaakte umeshu (pruimenwijn). Ondertussen kletsten we wat we nog wilden gaan zien, moesten gaan zien en hadden gezien. Daarna was het tijd voor de tweede ronde, *gloep* tweede ronde? Ik ben zo vroeg op de dag al niet zo'n grote eter en al helemaal niet met dit snikhete weer. Maar daar stonden de nieuwe hapjesschalen al op tafel en werden onze glazen gevuld met erg fijne saké. Vriendelijk maar voorzichtig bedankte ik toch maar voor de spare-ribs want dat is toch echt niet mijn ding. Een gerecht afwijzen van zo'n bijzondere maaltijd deed me een beetje ongemakkelijk voelen maar dat maakte ik gelukkig al snel weer goed met de Fanta Grape en de watermeloen (geen vierkante deze keer). Al met al was het èrg gezellig en hebben we heerlijk gegeten....en naar huis fietsen lukte ook in één keer ondanks het vrolijke promillage in ons bloed.

De volgende dag werd het voor deze city-dwellers weer eens hoog tijd om eens door de natuur te gaan stappen; Takaosan stond op het menu. Deze 600 meter hoge berg is omgeven door een prachtig gebied met snelstromende beekjes, reusachtige bomen, tempeltjes en shrines, bovendien is het maar een ritje van vijf kwartier vanaf het station van Tama.
Keiko had ons aangeraden de Chu-bus vanaf het station te nemen en dan later over te stappen op de Keio-line....zo gezegd zo gedaan. De Chu-bus was eigenlijk een Chu-busje; de stopknoppen zaten o.a. tegen het plafond bevestigd, tegen de tijd dat we bij onze eindhalte waren kon ik mooi met mijn hoofd op het knopje drukken.
Rond een uur of één arriveerden we aan de voet van Takaosan. De dag ervoor had Keiko ons geadviseerd om de kabelbaan naar het eerste plateau te nemen (gelegen op 150 m. hoogte) en daarna lekker 'laid back' naar beneden te wandelen. Maar ja, eenmaal uitgestapt waren we het er al snel over eens: als er een top te beklimmen viel dan moest dat dan ook maar meteen gebeuren. Na een flinke klim zonwaarts bereikten we al nagloeiend de bergtop. Om deze kleine overwinning te vieren namen we beiden een joekel van een schaafijsbeker in ontvangst en zijn vrolijk weer naar beneden gehuppeld.

zaterdag 31 juli 2010

It's a small world, after all

Om onze goede voornemens maar zo snel mogelijk in de praktijk te brengen heb ik 'pijn voorgesteld om dinsdag naar Tokyo Sea Life Park te gaan om daar te gaan tekenen. We zijn daar al een keer eerder geweest (in 2006) en dat maakte indruk, met name door de grote donutvormige tank waar grote tonijnen in worden gehouden (zie filmpje). Zoals eerder genoemd is het nu tamelijk warm in Tokyo en daar zouden we lekker in de airco kunnen zitten en toch interessante dingen zien. En dus pakten we onze schetsboeken en potloden in en vertrokken we naar het havengebied van Tokyo.

Na visjes te hebben bekeken zijn we gaan lunchen en pas daarna durfden we het aan. Ik ging binnen voor een kelpwoud zitten en 'pijn wilde buiten schetsen om architectonische dingetjes vast te leggen. Na een uurtje had 'pijn het wel weer gezien, mede door de warmte... ik begon er toen pas net in te komen. Belangrijk verschil tussen ons is natuurlijk dat ik tekenen als een vakantiebezigheid zie terwijl het voor 'pijn in feite gewoon werken is, waardoor hij er eigenlijk minder zin in heeft dan ik. Het is tenslotte vakantie en zo moet het ook aanvoelen! En dus ben ik er ook maar weer mee opgehouden omdat het anders voor 'pijn wel erg saai zou zijn.

We hebben met verbazing toegekeken hoe bij het roggenrif de bordjes 'You can not touch the fishes in this time' werden vervangen voor 'please wash your hands before touching'. Bij de massaal toestromende mensenmassa zat een jongetje dat vastbesloten was de staart van een rog te pakken, ondanks de afkeurende waarschuwingen van papa. 'Steve Irwin 2.0', aldus 'pijn. :)

Tenslotte nog even pinguins bekeken die enthousiast door kinderen met een nintendo DSi op foto werden vastgelegd. Een raar gezicht.

Voordat we naar huis gingen hebben we nog een stop gemaakt in Ueno, vanwege een grote speelgoedwinkel met een erg goed assortiment die zich daar bevindt. Deze hebben we inmiddels omgedoopt tot KinderUeno. En 'pijn was dan ook als een kind zo blij toen hij daar een iPhonehoesje van Gloomy aantrof!
Daarna een tendon (kom rijst met daarop tempura) gegeten bij de Tenya. Van tendon word je gelukkig. Jawel.


Woensdag stond er een afspraak in de agenda. Met een mentorleerling van mij! Monet is 13 jaar, heeft een Japanse moeder en spreekt vloeiend Japans, net als haar jongere zusje Kana. Zij zijn iedere zomer in Japan en toen zij hoorde dat ik dit jaar ook in Tokyo ben in dezelfde periode kwamen we op het idee wat leuks te gaan doen. En zo zijn we uitgenodigd om met ze te gaan lunchen in Ginza, in een shabu shabu restaurant.
De lunch was erg gezellig, veel gepraat over al onze bezigheden in Japan en wat iedereen wel en niet kende. Daarna wilden we wat leuks gaan doen, alleen kwamen we er niet direct uit wat dan precies. Uiteindelijk werd het een boottrip vanaf de Hinode pier over de Sumida rivier naar Asakusa. En zo kregen we nog een mooi zicht op de nieuwste toren van Tokyo die nog in aanbouw is: de Sky Tree. Goed te zien direct naast de 'gouden drol' van Philippe Stark op het Asahi gebouw.


Voordat we afscheid namen kregen we nog een vraag voorgeschoteld: of we de volgende dag mee wilden naar Tokyo Disney Sea? De moeder van Monet en Kana was namelijk al meerdere keren meegeweest en had er niet zo'n zin meer in, maar ze hadden de kaartjes al. Aangezien wij ergens wel nieuwsgierig waren naar de Japanse Disney parken en überhaupt nog nooit naar een Disney pretpark geweest zijn hebben we het aanbod aangenomen! We moesten dan wel om 10 uur voor het park staan, want dan zou het nog niet zo druk zijn. Ach ja, dan maar meteen goed doen ook.

Volgende dag om 8.30 uur de trein gepakt. De temperatuur was voor het eerst sinds een week aangenaam, maar daar kregen we wel gratis regenbuien bij. Niet dat we dat erg vonden... gewoon een paraplu mee!
Monet, Kana en hun Japanse tante troffen we om stipt 10 uur bij het station waar we de Disney monorail konden nemen. Aangezien zij ook al door hun tante begeleid werden hoefden we niet persé mee naar Disney Sea, maar konden we ook Disney world bezoeken. Wilden we dat niet liever? Want daar hadden ze meer attracties en meer Disney! Des te meer reden om mee te gaan naar Disney Sea, vonden wij, en ook gezelliger bovendien! Echt waar? Echt waar. Ok!

Aldus in de monorail gestapt. Wat ik dan wel weer leuk vind van Disney is dat ze zorgen dat echt álles voor 200% in stijl is vormgegeven... alleen de Disney trein al was compleet met ramen in de vorm van Mickey hoofden, met Mickeyvormige ringen om je aan vast te houden, etc.


Eenmaal binnen was er zoals al verwacht overal muziek te horen, maar gelukkig nog niet de melige Disney deuntjes die ik verwacht had. Monet en Kana wisten al waar we als eerste in zouden gaan: een of andere behekste lift in een vervloekt hotel. Daar aangekomen bleek de rij slechts 45 minuten lang! :) Wel weer leuk is dat er tijdens het wachten genoeg te zien is, iets wat ik al eens eerder van Tirza had gehoord. De hal van het zogenaamde hotel (bizar vormgegeven gebouw trouwens) was fenomenaal mooi aangekleed. Pepijn was ook onder de indruk en merkte op dat de Efteling vergeleken met dit toch eigenlijk niets meer dan een suf knutselclubje was met plastic verhaaltjes.
De attractie zelf trakteerde ons op een visueel prachtige show compleet met hologrammen, maar de lift zelf was geen pretje... je gaat eerst langzaam in het donker omhoog; krijgt dan een schouwspel te zien met de vervloekte eigenaar die in de liftschacht gestorven is... hij riep nog dat we op tijd terug hadden moeten gaan, maar toen was het al 'bye bye'... en we maakten een vrije val omlaag! We zaten overigens veilig vastgesnoerd in stoeltjes hoor, dat dan weer wel. :) Maar ik was blij toen het weer klaar was... terugdenkend aan Tokyo Dome met zijn Thunder Dolphin liepen we met trillende knietjes door de souvenirshop naar buiten.

Al wandelend ontdekten we een parade op het centrale meer... the horror, the horror! Vanaf 4 verschillende boten waren Disneyfiguren ons gemaakt blij en heel erg Amerikaans aan het toezingen. Hier en daar werd het publiek natgespoten met brandweerslangen en de muziek werd met een kracht van 100 dB onze oren ingepompt. Gelukkig waren de Japanse goden ons gunstig gezind want Monet en Kana hadden geen behoefte te blijven kijken en de rest van de dag hebben we geen parade meer gezien.

Meerdere attracties passeerden de revue: we hebben in een duikbootje van Captain Nemo de diepzee verkend alwaar we ternauwernood ontsnapten aan een reuzeninktvis. We hebben in futuristische robotbootjes over een meertje rondjes gedraaid. We zijn in een Jules Vernes-achtig vaartuig naar het centrum van de aarde gereisd waar we een monster ontdekten dat ons bijna heeft opgegeten, en tijdens de vlucht zijn we met voertuig en al zowat door een vulkaan uitgespuwd en met een rotvaart omlaag gedoken (wederom Thunder Dolphin flashbacks). Ook hebben we per jeep de Crystal Skull van Indiana Jones gevonden, en hebben we in Zuid-Amerika een looping gemaakt in een houten rollercoaster. Het mooiste van alles was wel de onderwaterwereld van De Kleine Zeemeermin, waar met name veel attracties waren voor kleine kinderen. Als je dit ziet geloof je dat de ontwerpers dit met heel veel plezier gemaakt hebben en met een ongelooflijk goed oog voor detail. Hier viel natuurlijk ook te genieten van de instrumentele soundtrack van de film, je weet toch. Alle sardientjes zijn mijn vriendjes. ;)


Tussendoor gyoza, zeewiersoep met gedroogde garnaaltjes, caramel popcorn, Minnie Mouse ijsjes. En Kana bestelde een kalkoenpoot: een vette kluif met een bizar groot bot erin. Ze had na 2 happen al spijt, haha! Het smerigste eten dat ik tot nu toe gezien heb hier, denk ik...

Aangezien Monet de volgende dag alweer naar Nederland terug zou vliegen gingen zij rond 6 uur alweer naar huis. Wij zijn met z'n tweeën nog even gebleven om wat foto's te schieten en een hapje te eten. Dat laatste hadden we beter ergens anders kunnen doen ontdekten we al gauw... er was nergens een goede vegetarische optie voor 'pijn, en zo zaten we uiteindelijk in een ongezellige Townhall in plastic Amerika een neppe hamburger te eten. Bekaf. De rit naar huis was nog nooit zo lang.

zondag 25 juli 2010

Warm draaien


Nou daar zijn we dan!
Zoals Ruth al in de vorige post vermeldde hebben we een prima vlucht gehad.
Omdat Bobby en Nancy dit jaar een iets ander wereldrondreisschema hebben konden ze ons eerst nog een bezoekje brengen in Amsterdam. Aangezien ze gedurende hun reis ook nogal wat verzamelen en daardoor ook flink wat met zich meezeulen besloten wij alvast een deel van hun ballast mee te nemen in onze koffers. Zo kwam het dus dat we voor het eerst op dag 1 van onze vakantie met volle koffers in het vliegtuig stapten.
Bij de check-in kregen we te horen dat onze koffers te zwaar waren, twee-en-halve kilo om precies te zijn. Grmbl, dan maar twee van Bobby's Asterix bundels in mijn handbagage en mijn MacBook bij Ruth in d'r tas...zo werd het nog een kleine uitputtingslag naar het vliegtuig.
De vlucht - met overstap in Parijs - verliep prima: drie filmpjes gekeken en veel geslapen. Eenmaal 's ochtends vroeg aangekomen op Narita kwamen we er achter dat één van onze koffers (de rode nieuwe) de reis niet helemaal had overleefd: één van de drie sloten was total-loss en hing er bij alsof het een uit-de-kom-getrokken armpje was. Af en toe snelde er een vliegveldmedewerker toe om 'm voor ons dicht te klikken maar dat haalde natuurlijk niks uit.
Bij de douane werden we vervolgens nog even met de infra-rood camera gescand, werden onze vingerafdrukken afgenomen en werd er een mugshot gemaakt....toen mochten we door naar bagegecheck. En natuurlijk moest daar die gehavende rode kist open. Tja, daar sta je dan met een kartonnen doos in je koffer waarin alleen maar Asterix-schaakstukken zitten (zonder spelbord). Al deze schaakstukken zijn ook nog eens allemaal per stuk in tissuepapier gewikkeld, om het plaatje compleet te maken waren het ook net iets meer stukken dan dat je voor een normaal partijtje schaak nodig hebt. Ik zou me als douanier afvragen wat deze Amsterdammer op vakantie met een koffer vol losverpakte schaakstukken in Tokyo van plan was, maar gelukkig vond men het niet nodig om een exemplaar door te breken om te kijken of deze gevuld was met xtc-tabletten.
De koffer kon dicht (met twee sluitingen) en we konden op weg naar huis.....Tama that is...
Het laatste eindje vanaf Musashi-Sakai hebben we met de taxi gedaan zodat onze kofferwieltjes (en wijzelf) niet zouden smelten gedurende de wandeling van het station naar het huis van Bobby en Nancy; het is hier namelijk al een paar dagen 36 graden.
Die eerste dag in Tokyo is een behoorlijk brak dagje geworden; we vertrokken immers om 8:05h. vanuit Amsterdam, reisden met Air France 15 uur aan één stuk en raakten tenslotte om 06:00 de Japanse grond...tja en dan heb je nog één hele dag voor je liggen. Na een paar uurtjes 'loungen' waren we toch niet meer binnen te houden en zijn we Harajuku ingetrokken: Kiddyland, Pumastore, eten bij ons favoriete gyoza-restaurantje....een vrolijk wederzien dus.
De dagen erna hebben we het wat rustig aan gedaan; we moesten natuurlijk nog even wennen aan het feit dat we nu echt vakantie hebben, ook moesten we de jetlag eens goed van ons afschudden en het brave Hollandse klimaat inruilen voor het hardcore tropische Tokyoklimaat.
We hebben o.a. Shinjuku, Harajuku en het Ghiblimuseum een bezoekje gebracht. En zijn we naar de Ghiblifilm Kari-gurashi no Arietty geweest.
Het is ons opgevallen dat er binnen een jaar weer èrg veel veranderd is; veel shops zijn verdwenen (oa AsoBitCity) of andere zijn weer verhuisd (ubersneakerstore K-Skit). Ook is het station van Musashi-Sakai weer helemaal omgegooid en staan er weer allemaal nieuwe huizen rondom het huis van Bobby en Nancy...het wordt bijna een spelletje: zoek de tien verschillen.
Verder is het heerlijk om hier je boodschappen te doen in een supermarkt die tot 11 uur 's avonds open is. Waar het niet zo is als de dat kassa gaat sluiten de cassiëre een 'sluitbordje' op de transportband pleurt en je zelf maar uit moet zoeken of je boodschappen nog door haar afgerekend gaan worden of dat je op zoek moet naar een nieuwe rij. Nee, hier sluit er een bediende achteraan in de rij en houdt een bordje omhoog waarop staat dat de kassa gaat sluiten. Ook is het fijn dat als je gekoelde produkten (zoals mochi-ijsjes) hebt gekocht je niet zelf hoeft uit te zoeken hoe je de boel gekoeld thuis krijgt, je krijgt er gewoon een papieren zakje met droog ijs bij. En dat is allemaal alleen nog maar bij de supermarkt.
We blijven mooi nog effe. ;)

dinsdag 20 juli 2010

Time travellers

Zonet heelhuids aangekomen in het huis van Bobby en Nancy! Als altijd is het alsof we nooit zijn weggeweest. In de trein vanaf het vliegveld hadden we het erover dat als je hier zo regelmatig komt het helemaal niet echt meer aanvoelt als ver weg, aan de andere kant van de wereld. Vergelijkbaar met een weekend Groningen zelfs!

Goeie vlucht gehad, veel kunnen slapen onderweg gelukkig, of misschien wel dankzij een nacht doorhalen voor vertrek... We moesten om 5 uur 's ochtends op Schiphol zijn namelijk en uit vorige berichten is denk ik al gebleken dat wij meestal last minute inpakkers zijn. Had eigenlijk verwacht dat ik me beroerder zou voelen nu! Altijd raar blijft het gevoel de tijd helemaal kwijt te zijn... Het is nu half 11 ''s ochtends hier en dat moet je dan maar aannemen, iets anders had ik ook geloofd. Ben benieuwd of we het voor elkaar krijgen de hele dag wakker te blijven... Om eerder inslapen te voorkomen gaan we ons zo maar eens opfrissen en daarna meteen de stad in. Input houdt ons wel wakker!

maandag 5 juli 2010

En deze keer gaan we naar.......


Tokio!
Nee, we kunnen er inderdaad maar geen genoeg van krijgen. Maandag 19 juli vliegen we 's ochtends om 8:05h. via Parijs naar Narita.
Vanwege de cheap-ass euro (t.o.v. de Yen) trekken we niet verder Japan in maar blijven we een beetje rond Tokio hangen.
Ook deze keer hebben we weer genoeg plannen: eindelijk draait 'Mei to Konekobasu' in het Ghibli Museum, gaat 'Karigurashi no Arrietty' (The Borrowers) landelijk in première, is er in het Museum of Contempory Art een tentoonstelling van production designer Yohei Taneda, treedt M.A.N.D.Y. op in The Womb, gaan we Comiket eens een keer meemaken en misschien het Wonder Festival 2010. Ook willen we een paar dagen naar de Izu-shotō (Izu Seven Islands) om dolfijntjes te aaien en naar Fuji-Q HighLand waar momenteel hard aan "Evangelion: World - Life-Size EVA-01 Construction Project" gewerkt wordt...robots knuffelen that is.
En dat zijn dan enkel nog de bezigheden die we vanuit het kleffe Oranda plannen.
Oh ja, naast fotograferen gaan we nu ook wat meer op de teken-toer. Als het een beetje wil lukken zullen we daar ook het één en ander van posten op dit blog. Kortom....slapen dát doen we in het vliegtuig wel weer.