
Inmiddels hebben we er drie volledige dagen Kyoto op zitten.
Bij het Tourist Information Center hebben we wandelroute-tips gekregen, en één daarvan leek ons bijzonder mooi: een wandeling in Arashiyama (ten westen van Kyoto). Meteen de eerste dag zijn we deze gaan lopen, en dat leidde ons als eerste naar de Tenryuji, een Zen-boedhistische tempel met fantastische Zen-tuinen en Koi vijver. Daarna kwamen we terecht in een bamboebos. Daar keken we al een tijdje naar uit (we hadden er een gemist in Kharmacoma) dus we konden ons geluk niet op! ;)
Thee gedronken in Okochi Sanso, een theehuis temidden van een prachtige tuin die een mooi uitzicht biedt over Kyoto. Daarna achtereenvolgens de Jojakkoji, Nison-in, en Adashino Nenbutsuji tempels. Tussendoor geluncht in een leuk klein eettentje, waar we onze eerste volledig vegetarische maaltijd hebben gegeten. Een van de betere maaltijden bovendien!
De tweede dag zijn we vertrokken naar de Kinkakuji tempel, eentje die bijna volledig bedekt is met bladgoud. Staat aan de rand van een prachtige Koi vijver met veel Zen-eilandjes, dus het uitzicht kan niet op. Helaas was het wel gigantisch druk (maar ja, op zaterdag, wat wil je). Na afloop een schaafijsje gegeten: ‘pijn met citroensiroop en ik met groene thee, iets romigs en twee bolletjes mochi (dat zijn een soort kleverige rijstcakjes). Mede doordat de kleur niet heldergroen was en het ijs snel smolt zag het er meer uit als een beschimmelde andijviestamppot dan ijs, maar het was wel erg lekker. :D

Onze weg vervolgd naar het tweede doelwit van de dag: Nijo-jo, een kasteel midden in Kyoto, met de welbekende ‘nachtegaal vloeren’. Deze zijn zodanig ontworpen dat ze piepen als iemand erop loopt, zodat de Shogun beschermd werd tegen onverwachte vijanden zoals ninja’s. We hebben er even op gesprongen, en inderdaad, het is bijna alsof de planken zingen! Aangezien er behoorlijk wat publiek binnen was hoorde je het geluid continu, heel grappig.

Gisteren hebben we de Fushimi Inari shrine bezocht, deze is bekend van de paden met duizenden torii achter elkaar geplaatst zodat je in een roodachtig licht loopt (zie boven). Is onder andere te zien in de film ‘Memoirs of a Geisha’. We dachten aanvankelijk dat het maar 1 pad was waar al die torii stonden, maar het bleken er meerdere te zijn die bovendien lang waren en dwars door de bergen liepen! Zo werd het onverwacht een stevige wandeling met veel zweetdruppels, maar wel een hele mooie.

Daarna op aanraden van Eerk naar Eiga-mura geweest, een soort filmstudioparkje met allerlei voorstellingen, o.a. eentje waar je op de set kon meekijken. Er was een vijver met een plastic zeemonster erin die 1 x in de 5 minuten even boven water kwam stomen, een berg met een soortgelijke houterige driekoppige nep-Godzilla, en een heleboel houten huisjes uit de Edo periode. Verder liepen er samurai en geisha rond waar je mee op de foto kon en er was een Power Rangers tentoonstelling. Waarschijnlijk zijn er een hoop slechte series opgenomen. :D Een van de leukste dingen die we daar gezien hebben was de Hattori Hanzo voorstelling, vol met knokkende ninja’s en natuurlijk Hattori Hanzo himself, en dat allemaal live.
’s Avonds nog even een rondje gelopen door Gion, de meeste bekende geisha-wijk. Erg mooie oude huizen, en we hebben waarschijnlijk zelfs een maiko/geisha (wisten we niet zeker) gezien! (Een maiko is overigens een geisha in opleiding, GIO dus, in Nederlandse termen, haha).
Onze ryokan (=Japans hotel, met Japanse tatami-kamers) is heel erg ok trouwens! We slapen heerlijk op onze futon en we hebben iedere dag verse theezakjes en een verse pot warm water op onze kamer klaarstaan als we thuiskomen. We hebben alleen geen eigen bad, er is beneden een public bath waar alle gasten gebruik van kunnen maken. Echt op de Japanse manier dus. Hoe gaat dat eigenlijk?
Je kleedt je op de kamer uit, doet je yukatta (katoenen kimono) en slippers aan, neemt een handdoek mee en gaat naar de badruimte (er is een aparte voor mannen en vrouwen). Daar heb je een kleedruimte waar je je yukatta en handdoek in een mandje kan doen, en dan ga je de badruimte in (met een klein handdoekje die je in geval van nood voor je edele delen kan houden). Anders dan bij ons mag je in Japan pas het bad in als je helemaal schoon bent, aangezien meerdere mensen in hetzelfde water baden. Je gaat dus eerst douchen: er zijn douches tegen de muur, ieder met spiegel, een krukje en een teil. Tussen de douches zit vaak een klein muurtje zodat je toch nog een beetje privacy hebt. Je wast je zittend, en als je schoon bent en ook alle zeep hebt afgespoeld mag je in bad. Het kleine handdoekje leg je dan op je hoofd (vandaar die eendjes met doekjes op hun hoofd in de film ‘Spirited Away’). Het badwater is erg heet, dus als je het niet meer volhoudt ga je eruit, spoel je je weer af onder de douche, en droog je je af in de kleedruimte.
Zelf vind ik het heerlijk; je komt iedere dag namelijk bezweet thuis omdat het hier zo warm is en dan is een bad erg prettig. Het is eigenlijk net een sauna door dat warme bad. De badruimte hier is erg mooi bovendien, allemaal rood marmer en naast het (overigens zeer ruime) bad is er een raam met daarachter bamboe (nep, dat dan weer wel, haha). ‘pijn daarentegen vindt het maar niks en wast zich dus aan de kraan. :)
Onderhand hebben we wel een beetje onze buik vol van tempels, en dus vertrekken we vandaag naar Osaka. Volgens de Lonely Planet is deze stad wat meer gevarieerd qua sightseeing mogelijkheden, in tegenstelling tot Kyoto wat toch vooral veel tempelgebeuren is. Mooie stad, dat wel, maar we vinden Tokyo toch leuker, en Osaka lijkt hopelijk weer wat meer op Tokyo.
Bedankt voor jullie leuke reacties trouwens! We hebben momenteel steeds weinig tijd achter de computer dus kunnen niet op alles reageren, maar we vinden het ontzettend leuk van jullie te horen!
1 opmerking:
*squeak*
(ninja-eerk:)hee, ehm, sander en ik hebben *squeak* eigenlijk het registratienummer van modul8 nodig *squeak* voor de noorderzonsondergang voorstelling *skwiek* *splat* *aaaarrggg*
Een reactie posten